Tukad Abu en Tulamben Beach


De berichten op facebook maakte mij nieuwsgierig en ik wilde Mount Agung wel weer eens van dichtbij gaan bekijken in de hoop dat hij flink aan zijn sigaar was aan het trekken. De laatste keer dat ik vriend Agung goed heb zien puffen is op 29 juni 2018 geweest. De twee andere keren dat hij aan het puffen was, was het wat minder. Maar ik ben er vaak genoeg geweest zonder dat hij pufte, gewoon om te genieten van de wandeling en het uitzicht.

Wanneer er nu een melding komt dan moet ik er echt zeker van zijn dat Agung meer dan één sigaar rookt. Voor mij is het dik anderhalf uur rijden en de keren dat ik gegaan ben en het vuurtje al gedoofd was bij aankomst…aaaah. Ja sorry ik vind dit één van de mooiste natuurelementen samen met de zee wat we hebben. Ook al hebben ze allebei een vernietigende kracht, ze hebben ook een enorme schoonheid.

Bij het eerste moment dat ik Agung goed zou kunnen zien had hij zich al verstopt achter een heel mooi wit wolkendek. Even gekeken en toen doorgereden naar Tukad Abu. Daar aangekomen in de toko eerst water en wat brood gekocht. Daarna gaat het helemaal omhoog. Het laatste stuk is een betonweg en eindigt bij een waterreservoir.

Vanaf het begin kon ik al zien dat er aan deze kant zelfs een grijs wolkendek om de Agung hing. Hij wilde maar niet tevoorschijn komen. Bij het waterreservoir aangekomen eerst de motorscooter geparkeerd om daarna brood en water te verorberen. Toen een heerlijke wandeling gemaakt. Aan de rechterkant van het pad kun je de oude lavastroom van 1963 nog heel goed zien, alsook heel veel geblakerde bomen uit die tijd.

Doorgelopen tot aan de tempel en daar heerlijk wat gezeten. De stilte die je dan “hoort” die zorgt er voor dat je helemaal tot een innerlijke rust komt. Je kijkt om je heen, je ruikt de omgeving, vogels die hun lied zingen en de andere bewoners van de omgeving laten zich met hun geluiden horen. De omgeving is werkelijk adembenemend en hier kom je geen toeristen tegen die kameel willen rijden of in hun string met een fles bier rond lopen. Hier is het rust, stilte en schoonheid snuiven.
Opeens hoorde ik een hoop geritsel, het verstoorde de stilte. Ik keek op en daar kwam de eerste boer met het verse gras dat hij van de berg gekregen had. Naderhand kwam, ik vul even in, waarschijnlijk zijn partner met een bos gras op haar hoofd. Na een eind daar gezeten te hebben begon ik aan de weg terug en dan kijk je zo naar beneden naar de oceaan met al zijn schoonheid. Voor mij is dit wel de mooiste plek van Bali. Ik ben er graag en ik heb het te lang uitgesteld om weer te gaan.

Van hieruit richting Tulamben Beach. Maar eerst het inwendige vullen met een heerlijke soto ayam en een lekkere kop Bali koffie. Om bij de het strand te komen kon ik maar wee wegen vinden. Bij de tempel, die hoger lag kon je via een trap naar beneden tot op het strand komen. De andere wegen naar het strand…tja resort en resort en villa die in de weg lagen.

Het strand zelf is niet zo echt bijzonder, het bestaat uit grote en kleine keien. Wat je er overal tegenkomt is: duiken en snorkelen. Voor mij is het de omgeving waar het om gaat. De eenvoudige tempel die hoger ligt en de bescherming biedt aan de mensen die achter en rondom deze tempel wonen.

Vandaaruit was het in 1 weg terug naar huis en terug naar de regen. Op afstand zag ik de regen al op me afkomen en het was net alsof er een wolkje boven me bleef hangen waaruit telkens wat water naar benden werd gegooid. Dan zag ik in de verte dat de weg droog was, maar als ik er aan kwam dan begon dat wolkje boven mij weer te klieren. Het regende niet hard en het was meer een verkwikkend buitje, en dat is gewoon heerlijk.

Wat betreft die kameel…..let op morgen.

23 februari 2019