Gunung Kiwa


Gister een hele mooie dag gehad. De Gunung Kawi ligt in Tampaksiring ten noorden van Ubud en vlakbij Bangli en bij de rivier Pakrisan. De weg er naar toe ging via Kintamani en dat is en blijft een schitterende route. Vooral als je dan boven aankomt en je ziet links van je de Batur parmantig staan te glunderen. Het beklimmen van de Batur is een mooie ervaring en vooral wanneer je daar in de nacht aan begint. Dan kom je in de ochtend boven en zie je achter de bergen de zon opkomen. Maar dat is ook al weer tien jaar geleden dat ik die omhoog ben geweest.

Het was de bedoeling om buiten de Gunung Kawi nog een aantal andere gebouwen te bezichtigen, maar helaas het weer gooide roet in het eten. Tijdens het rondlopen bij Gunung Kawi begon het weer al te betrekken. Op de terugweg, weer links terwijl Truus GPS zei rechts, zag ik de zwarte lucht op me afkomen. Snel gestopt en regenkleding aan. In een vlucht en een zucht was het zwart en de regen striemde in het gezicht. De beschermkap van de helm hielp niet omdat het aan één kant heel snel afkoelde en aan de binnenkant mijn adem de beschermkap deed beslaan. En of het nog niet genoeg was reed ik bij het binnenrijden in Kintamani zo de dichte mist in. Op verschillende plekken stond de straat blank en was het verstandig om mooi op de witte streep in het midden te rijden. Maar ja dat doet iedereen en dan schiet het dus niet op. Tot ver achter Kintamani bleef de mist hangen. De regen heeft mij begeleidt tot aan de voordeur van mijn huis. De weg terug was zwaar en de dag erna, vandaag dus, was dit ook aan al die krakkemikkige botten te merken.

Gunung Kawi

Vertaald betekent Gunung Kawi, de dichtersberg. Wanneer je aankomt moet je eerst 2.000 rp betalen om de motorscooter te betalen en vervolgens 50.000 rp per persoon voor de entree. Je loopt door de ingang en komt wat kleien toko’s tegen die allemaal dezelfde spullen verkopen. Er ligt, gelukkig, ook een warung. Ze hebben daar heerlijke nasi goreng. Ook hebben ze Loloh, maar gezien mij darmervaringen van de laatste keer heb ik daar maar van afgezien.
Gunung Kawi ligt in een vallei en dat was ook wel te merken. Voordat je er bent zul je eerst de 371 ongelijke treden moeten overwinnen. Nee, ik heb ze niet geteld, maar gevraagd. Naar beneden, och dat ging wel. Maar ik zag iedereen puffend omhoog komen. Dat stond mij dus ook te wachten en zo was het ook. Puffend en hijgend kwam ik boven bij de warung. Er waren slechts een paar toeristen.

De omgeving is werkelijk adembenemend. Rondom de Gunung Kawi liggen allemaal rijstvelden en allemaal in verschillende hoogten. Toen ik beneden aankwam voelde het alsof ik een andere wereld binnenstapte. Daar heerste zo een enorme rust en stilte. Je werd omringd door warmte. Het complex wordt gescheiden door de rivier Pakrisan. Voor mij was het een heel bijzondere plek en ervaring.

De Gunug Kawi zijn tien in de rotsen uitgehouwen candi’s. Deze candi’s (Gedenktekens, stoepa’s) zijn 7 meter hoog en dateren uit de 11e eeuw. De term candi is een aanwijzing naar de verblijfplaats van Candikâ. De godin van de dood en de gemalin van Shiva.

Totaal zijn er 10 candi’s. Volgens de onderzoeker zijn die gemaakt ter ere van de koninklijke familie van de Udayana-dynastie. Aan de oostkant zijn er vijf monumenten die gewijd zijn aan koning Udayana, koningin Mahendradatta, en hun zonen Airlanga, Anak Wungsu en Marakata. De monumenten aan de westzijde zijn gewijd aan de minder belangrijke koninginnen of concubines van koning Udayana.

Na het eten van een heerlijk nasi goreng en het drinken van een Bali koffie was het gezien het weer tijd om terug te gaan.

05 februari 2019