Een lach en een traan…..


Nadat ik het verhaal “De nood is hoog” had geplaatst werd ik verrast door een aantal mensen die spontaan geld wilde geven om nog een keer pakketten te kunnen geven. Samen hebben deze mensen 9 miljoen roepia bij elkaar gebracht. Namens de mensen, die ik vandaag persoonlijk en samen met Pemangku heb bezocht, wil ik bedanken: Marcella Swagten-Matulessya; Marjon Kooij, Ronald Kascha en Schoon Water Projecten Indonesië.

Vanmorgen heel vroeg uit de veren, slecht geslapen. Snel onder de douche, ontbijtje en de brandstof der brandstoffen: de koffie. Toen naar Toko Rejeki waar alles klaar stond om ingeladen te worden. Het pakket dat gegeven wordt bestaat uit: 10 kg rijst, 20 pakjes mie, 10 eieren, 1 liter olie, i kilo suiker en 1 pakje Bali koffie. Veertig pakketten heb ik vandaag mogen weggeven.

De dag was zwaar, emotioneel en met humor. Ik zit nu op het strand om alles een plaats te geven. Want ik ben boos, verdrietig, ik huil, mijn hart schreeuwt het uit. En dat mag ik allemaal. Ik mag boos en verdrietig zijn. Deze mensen hebben niet gevraagd om deze waanzin. Men komt aan hun bestaansrecht. Hun recht van leven. En dat……….mag niet. Sinds ik in Gambuh kom heb ik deze mensen in mijn hart toegelaten en opgenomen en dan doet het pijn hoe ze bezig zijn met te overleven.

Gister was ik naar Pemangku gegaan om met hem alles door te praten. Hij gaat dan op zijn motorscooter de mensen bezoeken en vertellen hoe laat ze moeten komen en niet allemaal te gelijk. Ik had hem ook gevraagd wat hoger op te gaan kijken. We zouden vandaag negen gezinnen persoonlijk gaan bezoeken. De mooie en lieve dames Desy en Jeny zouden met ons meegaan, want ik mocht beslist niks dragen.

We zijn de ochtend begonnen bij de warung van Pemangku waar de mensen naar toe moesten komen. Pemangku had een lijst gemaakt met daarop de namen van de mensen die deze keer een pakket kregen. En dat is niet gemakkelijk, mensen die niet op de lijst staan komen ook en dan moet je helaas nee zeggen. Ook wanneer we bij de mensen thuis komen dan zie je de buren in de deuropening staan of zitten en je ziet de vraag op hun gezicht of er voor hun ook iets is. Heftig.

Als eerste gingen we naar Dadong Pon. Het zou mijn derde keer zijn dat ik haar kon ontmoeten. De eerste twee keer ben ik haar gaan opzoeken uit nieuwsgierigheid en ik werd meteen getroffen door haar openheid en kennis van het verleden. Ook nu weer toen ik binnen kwam, ze is blind en kan mij dus niet zien, zei ze meteen: “Apakah turis di sana juga”? en ik moest samen met Jeny meteen bij haar komen zitten. Ze liet me weer zien hoe zij tabak doet pruimen. Het kistje waar alles in zit kwam tevoorschijn. Dadong Po is van de “oude stempel” en dat wil zeggen dat zij haar BH vaak niet afgedekt heeft met de blouse. Ja, dat is gewoon zoals het is en niet anders. Dus………. Ze zal ergens rond de 106 jaar zijn.

Met hun twaalven wonen ze naast elkaar in twee “huizen”. Twee blinden en niet sprekende zussen, een buurman die niet kan praten. Twee oudere zussen die voor de hele meuten zorgen. Slechts één man kan werken omdat hij geen gebreken heeft en zijn inkomsten zorgen ervoor dat deze 12 mensen hun dagelijkse voedsel hebben. Zijn dagelijkse inkomsten was 80.000 roepia per dag, maar nu 0,00 omdat alle werk plat ligt. Nee, van 80.000 roepia, waar 12 mensen van moeten leven, kun je niet sparen daar kun je geen ziektekostenverzekering van betalen en die motorscooter die hij heeft, och daar zou iemand van ons niet mee gaan rijden. Kale banden, verlichting meestal kapot, rammelt aan alle kanten en een bengkel (Toko waar je service kunt doen) heeft de motorscooter nog nooit van binnen gezien. Voor 10.000 roepia aan benzine.

De man en vrouw met de velen kinderen achter hun, normaal werkt hij in Kalimantan en zijn salaris bedraagt 100.000 roepia per dag. Daar moet hij dan zijn eigen levensonderhoud van betalen en hij moet geld naar zijn vrouw en kinderen sturen. Hij kan momenteel niet terug vanwege de lock down en er is dan ook geen inkomen.

De “weggetjes” om overal te komen dat was af en toe wel wat pittig, maar we hebben het overleefd. Meteen op de plaatsen de waterfilters gecontroleerd en die waren meer dan perfect schoon. Chapeau.

Ja, hoe sluit ik af. Ik weet het niet. Weer geraakt door wat ik heb gezien, de armoede, het “gevecht” om te overleven maar ook de grappen en grollen. Een veerkracht daar mag menige westerling een voorbeeld aan nemen.

16 april 2020