De weg terug naar Bali


De avond voor vertrek eerst een heerlijke soep gegeten en Aretha, het dochtertje van Laluh, bij mij gezeten. S ’avond hebben Laluh en ik onder het genot van een biertje lang gepraat over de aanstaande verkiezingen, het leven en over normen en waarden. Binnenkort gaat hij weer naar Australië om voor een periode van zes maanden daar te werken. Van zijn resort kan hij niet leven. die nacht heerlijk geronkt in de lumbung.

In de ochtend vroeg op, voordat ik weg ging wilde ik nog een keer de zon zien op komen en de Rinjani bewonderen. Daarna een heerlijk en stevig ontbijt en vertrokken. Maar nu een andere weg zonder al te veel gaten, hobbels en bobbels. Slechts op één plaats was echt een grote ochtend markt aan de gang, voor de rest verliep de rit voorspoedig.
Het was nou niet de mooiste en modernste ferry, maar er was koffie. Ik moest mijn motorscooter tussen de vrachtwagens parkeren. Er was geen andere ruimte beschikbaar. Bij aankomst in Padangbai heb ik voor alle zekerheid maar op de raampjes van de twee vrachtwagens geklopt en gezegd: “Saya takut”. De mannen lachen. Ze bleven wel mooi wachten totdat ik van de boot af was.

De zee was extreem rustig en na een tijdje werden we getrakteerd op een prachtig wolkendek. Het was alsof de wolken uit de oceaan omhoog stegen en vlak boven het water bleven hangen en een uitstraling van een sfinx hadden. Het is heerlijk om naar de wolken te kijken en je weer kind te voelen. Te kijken naar de wolken en er verschillende figuren in te zien. Een gezicht, een dier, een eruptie van een vulkaan, een grot met druipstenen.

Eenmaal van de boot af duurde het niet lang of vlak achter Karangasem werd ik getrakteerd op een heerlijke en frisse Balinese regenbui. Bij een Indomaret gestopt, wat te drinken gekocht en alles, inclusief mijzelf, waterdicht ingepakt en weer verder gereden. Links van mij was het een donkere grijze massa. Majesteit Agung was niet te zien. Op een aantal plaatsen gutste het water vanaf de berg over de weg richting de zee.

Lombok heb ik verlaten me gemengde gevoelens. Blij was ik om de mensen te ontmoeten. Blij was ik om er weer te zijn, de natuur in al zijn schoonheid te zien. Maar ook de plaatselijke eenvoud weer te ervaren en weer te laten zien waar het om gaat in het leven. Maar triest en verdrietig om al deze ellende weer te aanschouwen. De armoede op veel plaatsen, die dan ook weer gepaard gaat met slechte voeding. Helpen kan ik niet, luisteren en aandacht geven dat is wat ik probeer te doen om zo eventueel iets wakker te schudden.

14 april 2019