De Lach…….


Twee dagen samen met Pemangku opgetrokken. De eerste dag op pad te gaan om te kijken waar we de pakketten konden geven. Vandaag zijn we de pakketten gaan brengen.

Vanmorgen vroeg uit de veren en alles in de omgekeerde volgorde gedaan. Wat kan een mens toch een gewoonte dier zijn en dan kost het even voordat je alles in omgekeerde volgorde doet. Rond half tien zou ik bij Toko Rejeki zijn om samen naar Gambuh te gaan. De wagen was al helemaal klaar en volgeladen met 98 pakketten. De eerste 90 pakketten daar moesten de mensen voor naar de warung van Pemangku komen. De meeste zag je al op een afstand aan komen lopen. Rustig en gestaag en allemaal met twinkelde ogen en een glimlach. Sommigen ouderen werden gebracht door een kleinkind op de motorscooter. Nou ja de meeste waren misschien wel 10 of 15 jaar oud en alles wat het motorblok zou moeten beschermen is weggehaald om snel een gemakkelijk te repareren tijdens het rijden.

Pemangku had heel duidelijk de leiding op zich genomen, ondanks dat de Kepala Dusun er ook bij was. Ook hij controleerde of alles in goede banen werd geleid en of de juiste mensen een pakket kregen. Het was een ochtend van de ene na de andere glimlach en er werden heel wat handen geschud.

Toen de laatste pakketten weg gegeven waren zijn we samen met Jeny op pad gehad om persoonlijk sommigen mensen te bezoeken. Het was rijden tot aan een bepaald punt aan de grote weg, motorscooter parkeren en te voet verder. De langste afstand was twee kilometer. Nee, ik mocht beslist niks dragen. De weggetjes waren door de regen glibberig, slechts een klein stukje beton en voor de rest waren het stenen die in de leem gedrukt waren en daar liepen we dan over. Af en toe moest een kleine rivier overgestoken worden.

Waar kom je dan uit? Bij een gezin met vijf dochters. Die slapen in een grote tent want meer is het huis niet. Stalen dakplaten en de wanden zijn dekzeilen. De keuken is gewoon een tafel met daarop een tweepits gasfornuis. Maar er is geen geld meer voor gas en dan wordt er op hout gekookt. Dat was iets dat we overal zagen. De maaltijden van dit gezin bestond in de ochtend uit cassave, de lunch word overgeslagen en het avondeten is….cassave. Ieders anders kan men zich niet permitteren.

We hebben haar “de bamboe vrouw” genoemd. Want kijk in het pannetje en dan zie wat ze eet: bamboe. Dan gaat de weg gestaag verder en kom je terecht bij twee zussen en hun broer.  De vrouw is geopereerd aan de baarmoeder en de man heeft wat last in zijn bovenkamer. Hun grote waterreservoir met daarnaast een ijzeren vat is tevens hun badkamer. De ruimte waar we zitten is hun keuken. In het huisje apart staan twee bedden zonder matras. Een bed voor de boer en een bed voor de twee zussen.

We zetten ons weg voort en komen bij de man terecht met zijn kleine baardje. Zijn kleren, nou ja broek, als je die zou uit doen dan zou die vanzelf recht blijven staan. Hoezo werken, mij willen ze niet. En dat blijkt ook want als je met hem praat dan praat je met iemand die een jaar of 10 jong is. Even binnen gekeken en vroeg hem waar hij sliep. Dat was dus op die lap op de grond.

En zo ging de dag van gister en zo zou de dag van vandaag eindigen.

Ondanks dat het arme mensen zijn, zij echt van alles proberen om hun lippen en neus boven het water te houden om niet te verzuipen, heb ik vandaag nog nooit zoveel koffie gedronken. Overal was het: “Pa mau Kopi”? Dan werd er snel koffie gehaald met een versnapering, de ketel gaat op het vuur, we gaan in een kring zitten en er wordt geklets. Pemangku vertaald dan want velen spreken alleen maar Balinees.

Gister en vandaag heb ik veel mooie mensen mogen ontmoeten vele handen geschud en soms een knuffel. Het zijn sterke mensen en hun veerkracht is enorm en daar mag menige westerling een voorbeeld aan nemen.

Er waren nog wat gelden binnengekomen, hoeveel weet ik niet dat bekijk ik morgen en dan gaan we daar deze week voor de zesde keer pakketten voor aankopen en weggeven.

Iedereen nogmaals heel erg bedankt.

Oh ja en delen mag natuurlijk weer.

21 april 2020